polsen

(doorverwezen van polste)
Vertalingen

polsen

sondierensonder (ˈpɔlsə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd polste , voltooid deelwoord heeft gepolst
aan iemand vragen hoe hij of zij over iets denkt voorzichtig polsen of de buren bezwaar zouden hebben tegen een hoge schutting