pols

Vertalingen

pols

Handgelenk, Pulswrist, pulsepoignet, pouls, percheκαρπόςпульс, запястьеpolso, polliceمِعْصَمzápěstíhåndledmuñecaranneručni zglob手首팔목håndleddnadgarstekpulsohandledข้อมือbilekcổ tay手腕 (pɔls)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -en
1. gewricht tussen hand en onderarm polshorloge
zonder voorbereiding of inspanning
2. hartslag een snelle pols van 120 slagen per minuut