plaats

Thesaurus

plaats:

positie
Vertalingen

plaats

Platz, Ort, Amt, Anstalt, Anstellung, Dienst, Dorf, Fleck, Gelaß, Hof, Hofraum, Posten, Stadt, Stätte, Stelle, Terrainplace, location, spot, courtyard, town, village, city, court, function, job, office, placetosit, post, seat, yard, locale, ranking, squareendroit, lieu, cour, localité, place, village, ville, cité, emploi, fonction, office, service, déstination, local, poste, passage, rang, position, aire, emplacement, secteur, espaceπόλη, χωριό, θέση, τόποςlugarposto, cortile, luogoمَكان, مَكَانmístoplads, stedpaikkamjesto場所장소plass, stedmiejscelocal, lugarместо, местаplatsตำแหน่ง, สถานที่yer, yerinechỗ, nơi chốn位置, 地方място (plats)
zelfstandig naamwoord meervoud -en
1. ergens waar je kunt zijn Vanaf deze plaats kunt u de haven zien liggen. gereserveerde plaatsen
op de genoemde plaats
zorgen dat er ruimte is voor...
2. gebied waar veel gebouwen staan en waar mensen wonen een plaats met 80.000 inwoners
3. positie in een rangorde eindigen op de tweede plaats
<verwijtend commentaar op onbeleefd gedrag>
4. als vervanging van We zouden gisteren gegaan zijn, maar in plaats daarvan gaan we volgende week.