patroon

Thesaurus

patroon:

raderblad
Vertalingen

patroon

(paˈtron)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud patronen
1. regelmatige structuur rollenpatroon Zijn dagen verlopen volgens een vast patroon.
2. modeltekening voor een kledingstuk breipatroon
3. tekeningetje dat steeds wordt herhaald in een ontwerp ruitjespatroon

patroon

Patrone, Kartätsche, Patron, Schirmherr, Wirt, Mustercartridge, pattern, stencil, template, templet, boss, master, patronpatron, protecteur, motif, cartouche, maître, modèle, défenseur, dessincartuccia, modelloخَرْطُوشَة, نَـمَطٌpatrona, vzorekmønster, patronμοτίβο, φυσίγγιοpatrón, cartuchokuvio, patruunanaboj, uzorak弾薬, 模様무늬, 탄창kassett, mønsternabój, wzórpadrão, cartucho, modeloпатрон, схемаkassett, mönsterแบบ, ปลอกกระสุนปืนfişek, kalıpmẫu hình, vỏ đạn式样, 弹药筒, 模式模式 (paˈtron)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud patronen, patroons
1. houdertje met iets dat verbruikt wordt inktpatroon
2. huls met kogel en kruit schieten met scherpe patronen