overweg


Zoekopdrachten gerelateerd aan overweg: overwegen
Vertalingen

overweg

(ovərˈwɛx)
bijwoord
kunnen omgaan met overweg kunnen met een motorzaag goed overweg kunnen met de bovenburen

overweg

Bahnüberganglevel‐crossing, alongpassage à niveaukřížení (ˈovərwɛx)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -wegen
plaats waar een weg een spoorlijn kruist een onbewaakte overweg