open

Vertalingen

open

offen, auffree, open, unoccupied, vacant, above‐board, franklibre, ouvert, décapotable, en plein air, ouvertement, à découvert, rasåpenesente, esimere, rilasciare, tempo libero, apertoمَفْتُوحٌotevřenýåbenανοικτόςabierto, abriravoinotvoren開いた열린otwartyaberto, abrirоткрытыйöppenเปิดออกaçıkmở开着的, 打开打開 (ˈopə(n))
bijvoeglijk naamwoord
1. dicht waar(door) iets in en uit kan, niet gesloten De winkels zijn tot zeven uur open. openmaken de kraan niet open laten staan
een film waarvan je niet weet hoe het verhaal verder gaat als de film is afgelopen
2. toegankelijk voor iedereen een open dag voor nieuwe studenten
sollicitatie zonder dat er een vacature is bekendgemaakt
3. voor iedereen zichtbaar