oogsten

Thesaurus
Vertalingen

oogsten

einernten, einsammeln, sammeln, schneiden, erntenharvest, collect, gather, pickuprécolter, collectionner, ramasser, rassembler, recueillir, moissonner, cueillirيَحْصِدُsklízethøsteδρέπωcosecharkorjata satožetiraccogliere収穫する수확하다høstezebrać plonycolher, colheitaсобирать урожайskördaเก็บเกี่ยวhasat kaldırmakthu hoạch收割, 收获收穫 (ˈoxstə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd oogstte , voltooid deelwoord heeft geoogst
(gewassen, landbouwproducten) van het land halen om op te eten of te verwerken Door het natte weer kon er pas laat worden geoogst dit jaar.
succes hebben met