onvoorwaardelijk

(doorverwezen van onvoorwaardelijk)
Vertalingen

onvoorwaardelijk

absolut, unbedingt, unbeschränkt, bedingungslosabsolute, unconditionalabsolu, pur, inconditionnellement, inconditionnel, inconditionnel/-elle, catégorique, catégoriquement, parfait, véritableincondicionalبِدُونِ شَرْطbezpodmínečnýbetingelsesløsανεπιφύλακτοςincondicionalehdotonbezuvjetanincondizionato無条件の무조건적인ubetingetbezwarunkowyбезоговорочныйovillkorligที่ไม่มีเงื่อนไขkoşulsuzvô điều kiện无条件的無條件 (ɔnvorˈwardələk)
bijvoeglijk naamwoord
zonder bedenkingen of aarzeling een onvoorwaardelijke loyaliteit aan zijn werkgever