onvoldoende

Vertalingen

onvoldoende

(ɔnvɔlˈdundə)
zelfstandig naamwoord meervoud -s
voldoende laag waarderingscijfer een dikke onvoldoende voor wiskunde

onvoldoende

unzulänglich, ungenügendinsuffisant, insuffisamment, à demi, courtغَيْرُ كَافٍnedostačujícíutilstrækkeligελλιπήςinsufficientinsuficienteriittämätönnedovoljaninsufficiente不十分な불충분한utilstrekkeligniedostatecznyinsuficienteнедостаточныйotillräckligไม่เพียงพอyetersizkhông đủ不足的 (ɔnvɔlˈdundə)
bijvoeglijk naamwoord
te weinig, niet (goed) genoeg onvoldoende moeite doen onvoldoende spelers om een elftal te vormen