onttrekken aan

Vertalingen

onttrekken aan

(ɔnˈtrɛkə(n) an)
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd onttrok aan , voltooid deelwoord heeft onttrokken aan
zorgen dat iets niet meer zichtbaar is De trap werd aan het oog onttrokken doordat er een draaibare boekenkast voor zat.

onttrekken aan

(ɔnˈtrɛkə(n) an)
werkwoord wederkerend
enkelvoud onvoltooid verleden tijd onttrok zich aan , voltooid deelwoord heeft zich onttrokken aan
opzettelijk proberen niet te doen wat wel van je verwacht wordt zich met een smoesje aan een vervelende verplichting onttrekken