onderdrukken

Vertalingen

onderdrukken

unterdrücken, erdrosseln, erpressen, ersticken, erwürgensuppress, quell, suffocate, choke, oppressréprimer, étouffer, suffoquer, opprimer, comprimer, contenir, contraindreaffogareقمعundertryckasuprimirsuprimirundertrykkepotlačit (ɔndərˈdrʏkə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd onderdrukte , voltooid deelwoord heeft onderdrukt
1. (mensen) met dwang afhankelijk laten zijn de onderdrukte inheemse bevolking
2. (gevoelens) niet laten blijken onderdrukte woede