offer

Thesaurus
Vertalingen

offer

Opfer, Opferung, Opfergabesacrifice, don, offrande, holocausteيُضَّحيoběťofferθυσίαsacrificesacrificiouhrausžrtvasacrificio犠牲희생offerofiarasacrifícioжертвоприношениеofferการสังเวยfeda etmeksự tế lễ牺牲 (ˈɔfər)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -s
1. religie iets waardevols dat je geeft omdat je gelooft dat je god dat prettig vindt een offer brengen
2. iets wat je niet leuk vindt, maar toch doet omdat een ander er voordeel van heeft een persoonlijk offer