norm

Thesaurus
Vertalingen

norm

Norm, Richtschnur, Standardstandard, normprincipe, canon, normeمِقْياسúroveňstandardπρότυποnivel, estándartasostandardstandard標準표준standardstandardpadrãoстандартstandardมาตรฐานstandarttiêu chuẩn标准標準стандарт (nɔrm)
zelfstandig naamwoord meervoud -en
1. manier van doen die geldt als normaal normen en waarden een norm stellen
2. precies vastgelegde waarde als referentiepunt Gelden hier erg strenge normen voor?