| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.782.787.427 Bezoekers. |
|
jaar |
0,02 sec. |
|
jaar zn onz jaar (jaren mv) [jar]
1 periode van twaalf maanden We gaan in april voor een jaar naar het buitenland. dertig jaar lang met iemand getrouwd geweest zijn 2 periode van 1 januari tot en met 31 december;= kalenderjaar We gaan dit jaar met vakantie naar Spanje. sinds jaar en dag al heel lang sinds jaar en dag vriendinnen zijn nog vele jaren wens op iemands verjaardag dat die persoon nog lang mag leven Gefeliciteerd en nog vele jaren! schooljaar het lopende jaar dit kalenderjaar jaar in, jaar uit aldoor maar door Thesaurus Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|