nieuw

Vertalingen

nieuw

neunew, novel, freshnouveau, neuf/neuve, nouveau/nouvel/nouvelle, frais/fraîche, jeune, moderne, original, récent, vierge, nouvel, nouvelle, neufnyνέος, πρόσφατος, καινούργιοςuusi, tuorenuovo, nuova, noviziony, nyenowynovo, novaновыйnov, nova, novony, nyupptäcktnuevoجَدِيد, جَدِيدٌnovýnov新しい새것의, 새로운ใหม่yenimới新来的, 新的חדש (niw)
bijvoeglijk naamwoord
1. oud wat nog niet lang bestaat een nieuwe versie van een softwarepakket
heel erg nieuw
2. wat iets vervangt Ons nieuwe huis is vijftig jaar oud. Heeft ze alweer een nieuwe vriend?