natuurlijk

Vertalingen

natuurlijk

(naˈtyrlək)
bijvoeglijk naamwoord
kunstmatig zonder dat mensen er iets mee te maken hebben; volgens de natuur De rivier vormt hier een natuurlijke grens.

natuurlijk

natürlich, verständlich, gewiss, selbstverständlichnatural, naturally, ofcourse, earthy, of coursenaturel, naturellement, bien entendu, bien sûr, naturel/-elle, évidemment, simple, certainementnatura secondo, ovvio, naturale, naturalmenteطَبْعاً, طَبِيعِيٌّpřirozený, samozřejměnaturlig, naturligvisφυσικά, φυσικόςnatural, naturalmenteluonnollinen, luonnollisestinaravno, prirodan当然, 当然の자연의, 자연히naturlig, naturligvisnaturalnie, naturalnynatural, naturalmente, É claroестественно, естественныйnaturlig, naturligtธรรมชาติ, อย่างเป็นธรรมชาติdoğal, doğal olarakđương nhiên, tự nhiên自然地, 自然的Разбира се (naˈtyrlək)
bijwoord
vanzelfsprekend Natuurlijk kunnen jullie blijven eten.