moeten

Thesaurus

moeten:

willen
Vertalingen

moeten

müssen, benötigen, brauchen, nötig haben, sollen, mööte, solltemust, need, should, require, haveto, oughtto, have to, oughtdevoir, avoir besoin de, être obligé, réclamer, requérir, vouloir, vouloir (qc de qn), il faudrait, il fautaver bisogno, esìgere, necessitare, usare, dovere, dovrei, dovrestiيَجِبُ, يَجِبُ عَلَيْهِ, يَنْبَغِي, يَنْبَغِي أَنměl by, musetburde, må, være nødt tilπρέπει, πρέπει ναdeber, tener, tener quepitäisi, täytyämorati, trebati・・・しなければならない, ・・・するべきだ, するべきだ...해야 한다, ...해야만 하다, ~해야 한다, ~해야한다burde, mieć powinność, musiećdever, ter de, ter que, deveбыть должным, быть обязанным, должен, следуетborde, måste, vara tvungenควรจะ, ต้องyapmak zorunda olmak, zorunda olmaknên, phải不得不, 应该, 应该做, 必须 (ˈmutə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd moest , voltooid deelwoord heeft gemoeten
nodig zijn Ik heb geen zin, maar het moet. naar Den Haag moeten voor een vergadering
aandrang voelen tot plassen of poepen
<dit zeg je als je denkt dat het fout gaat met...>