| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.784.128.818 Bezoekers. |
|
aanstaand |
0,01 sec. |
|
aanstaand bn aanstaand [ˈanstant]
1 eerstvolgend Aanstaande maandag is een vrije dag. 2 die het genoemde wordt;= toekomstig een bijeenkomst voor aanstaande vaders en moeders mijn aanstaande degene met wie ik ga trouwen Vertalingen aanstaand bevorstehend, folgend, kommend, kommender, künftig, nächst, nächster, nahe, umgehend, zukünftig aanstaand مقبل aanstaand nadcházející aanstaand kommende aanstaand que viene aanstaand tuleva aanstaand dolazeći aanstaand 次の aanstaand 다가오는 aanstaand kommende aanstaand nadchodzący aanstaand próximo aanstaand будущий aanstaand kommande aanstaand ที่กำลังจะมาถึง aanstaand gelecek aanstaand sắp tới aanstaand 就要来的 Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|