midden

Vertalingen

midden

('mɪdə(n))
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -s
1. plaats die het verst van de buitenkant, van de randen is In het midden van het dorp staat de kerk.
2. tussen, omringd door

midden

Mitte, inmitten von, Mittel, in der Mittemiddle, amidst, among, average, inthemiddleof, mean, crown, midmilieu, centre, mi-, au milieu de, parmi, au (beau) milieu (de), entourage, fortmezzo, metàأَوْسَط, وَسَطُprostřednímidte, midterstμεσαίος, μέσηmedio, a mediados dekeski-, keskikohtasredina, srednji中央, 中間の중간, 중간의midt, midtreśrodek, środkowycentro, meioсередина, срединныйmitt, mitt-กลาง, ตรงกลางortachỗ giữa, giữa中间, 中间的中間 ('mɪdə(n))
bijwoord
bij of in het midden midden op de dag