materieel

Thesaurus

materieel:

tastbaarstoffelijk,
Vertalingen

materieel

(matəri'jel)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud
wat nodig is aan gereedschappen en machines

materieel

Material, materiell, Zutatdata, materialmatériel, matériau, matériel/-elle, équipementmaterialmateria, materiale, stoffaоборудованиеεξοπλισμόςоборудванеutrustningציודالمعداتsprzętudstyr機器设备장비設備 (matəri'jel)
bijvoeglijk naamwoord
wat te maken heeft met dingen en geld grote materiële schade, maar geen gewonden