manen

Vertalingen

manen

anhalten, vermahnen, zureden, mahnenadmonish, dun, scold, dunforpayment, caution, exhortadmonester, exhorter, gronder, crinière, sermonner, sommer, exhorter (à), sommer (de), engager, reprendre, réprimanderdiffidare, esortareměsíceأقمارmånerKsiężyce衛星衛星lunas위성Luasспутникиmånar ('manə(n))
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud meervoud
lange haren aan de hals van een leeuw en een paard