| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.769.165.288 Bezoekers. |
|
maat |
0,02 sec. |
|
maat zn m maat (maten mv) [mat] iemand met wie je iets samen doet of met wie je bevriend bent met een stel maten naar het café Mijn maat hield de ladder vast en ik klom naar boven. zn maat (Note: subentry vervalt als onderscheid tussen mannelijk, vrouwelijk en 'de' vervalt) (maten mv)
eenheid waarmee je de grootte van iets aangeeft schoenmaat inhoudsmaat De maat is vol! dit zeg je als je vindt dat iets moet ophouden in soorten en maten allerlei verschillende met twee maten meten vergelijkbare situaties niet op dezelfde manier beoordelen; onredelijk zijn Thesaurus maat: makker Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|