| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.758.884.880 Bezoekers. |
|
loslaten |
0,02 sec. |
|
loslaten ww loslaten (liet los enk ovt; heeft losgelaten volt deelw) [ˈlɔslatə(n)]
1 niet langer vasthouden of blijven vastzitten Durf jij je stuur los te laten als je op een scooter rijdt? Het behang begint los te laten. De honden loslaten op een insluiper. 2 minder in gedachten bezig zijn met iets wat je sterk bezighield Nu ze ontslag genomen heeft, kan ze de problemen op haar werk eindelijk loslaten. 3 (iets) vertellen Hij laat niks los over zijn nieuwe liefde. Vertalingen loslaten auslassen, befreien, entledigen, erledigen, frei machen, freilassen, lassen, überlassen, unterlassen, zurücklassen loslaten déchaîner, dégager, délivrer, lâcher, laisser, libérer, réformer, relâcher, répandre, abandonner, laisser tranquille, révéler, se détacher, quitter loslaten mettere in libertà, sciogliere Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|