linie

Thesaurus

linie:

streep
Vertalingen

linie

Linie, Strich, Zeilelineligne (ˈlini)
zelfstandig naamwoord vrouwelijk meervoud -s
militair rij soldaten naast elkaar gevechtslinie de vijandelijke linies
in alle onderdelen Per studierichting verschillen de aantallen, maar over de hele linie neemt het aantal studenten toe.