kruispunt

Thesaurus

kruispunt:

verkeersknooppuntwegkruising,
Vertalingen

kruispunt

Straßenkreuzungcrossroadscarrefour, intersectionglorieta交差点교차로křižovatka (ˈkrœyspʏnt)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -en
plaats waar wegen elkaar kruisen (1)