klaarkomen

Vertalingen

klaarkomen

getready, come, cum, orgasm (ˈklarkomə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd kwam klaar , voltooid deelwoord is klaargekomen
1. bijna klaar (1) zijn Ik ben net klaargekomen met mijn werk. Dat karwei komt vandaag klaar.
2. seksueel bevredigd worden te snel klaarkomen