klaar

Vertalingen

klaar

bereit, fertig, anschaulich, ausdrücklich, bestimmt, deutlich, erbötig, hell, klar, licht, lichtvollready, clear, finished, distinct, done, over, bright, clearly, completed, light, plain, through, apparent, articulate, do, upprêt, clair, limpide, fini, net, clairement, prêt (à), pur, purement, accompli, fini/finiepronto, disposto, essere disposto, largo, finitoمُسْتَعِدّ, مُنْجَزhotový, připravenýfærdig med, klarέτοιμος, τελειωμένοςacabado, dispuesto, haber acabadovalmisgotov, spreman用意のできた, 終えた끝낸, 준비가 된avsluttet, klargotowy, skończonypronto, acabadoготовый, законченныйklarพร้อม, ยุติbitmiş, hazırhoàn chỉnh, sẵn sàng准备完毕的, 完成的готовמוכן (klar)
bijvoeglijk naamwoord
1. als je niets meer hoeft te doen (voor of aan iets) klaar zijn met je werk Ben je klaar om mee te gaan?
<dat zeg je tevreden als je klaar bent met iets>
2. duidelijk klare taal spreken
heel duidelijk