kennen

(doorverwezen van kende)
Thesaurus

kennen:

kennisweten,
Vertalingen

kennen

kennen, wissenknow, beacquaintedwith, bemasterof, knowhowconnaître, connaissance, consulter (qn), possession, savoir, connaitreγνώση, γνωρίζωkjenneconoscere, potere, sapereيَعْرِفُznát, Vědětkendeconocer, sabertuntea, Tietääpoznavati知っている알다znaćconhecer, saberобщаться, знатьkännaรู้จัก, รู้tanımakbiết认识לדעת (ˈkɛnə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd kende , voltooid deelwoord heeft gekend
1. kennis (1) hebben van iets of iemand Ik heb wel over hem gehoord, maar ik ken hem niet.
kennismaken met Ze lijkt me interessant. Ik wil haar wel leren kennen.
ervaren hoe iets of iemand is Door al onze vakanties hebben we dat gebied goed leren kennen. In deze ellende hebben we elkaar veel beter leren kennen.
duidelijk maken Ik gaf te kennen dat ik wilde omkeren.
het niet opgeven Mislukt! Maar ik laat me niet kennen en probeer het nog een keer.
iets doen dat toont hoe je op dat moment bent Hij heeft zichzelf laten kennen door terug te schelden.
2. (iets) weten doordat je het geleerd hebt Ik heb de stukken goed bestudeerd en ken de zaak nu goed.
zo goed kennen dat je (iets) uit je geheugen kunt zeggen Ik ken zijn telefoonnummer uit mijn hoofd.