kan

Thesaurus

kan:

schenkkanvermag,
Vertalingen

kan

Krug, Hafen, Kanne, Topfjug, pitcher, pot, canpot, cruchecaraffa, carato, orcia, vaso, broccaإِبْرِيقٌdžbánkandeκανάταjarrakannuvrčジャグ주전자muggedzbanekjarra, jarroкувшинtillbringareเหยือกsürahibình có tay cầm水壶, 可以יכול可以 (kɑn)
zelfstandig naamwoord meervoud kannen
voorwerp om vloeistof uit te schenken bij het eten een kan water op tafel zetten koffiekan
alles is geregeld
als je te veel wilt, gaat het mis