jeugdig

Thesaurus

jeugdig:

jongwelp,
Vertalingen

jeugdig

jugendlich, jungyoungjeune, (de façon) jeune, vert, juvénile (ˈjøxdəx)
bijvoeglijk naamwoord
1. als je jong bent op jeugdige leeftijd je moeder verliezen
2. als je niet jong bent, maar wel jong lijkt Zij kleedt zich altijd jeugdig.