blijken

(doorverwezen van is gebleken)
Vertalingen

blijken

pointouttobe, appear, provese trouver, apparaître (que), ressortir, s'avérer, se révéler (ˈblɛikə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd bleek , voltooid deelwoord is gebleken
1. duidelijk worden Ik laat mijn ergernis niet blijken. Uit onderzoek is gebleken dat de verdachte onschuldig is.
2. <duidelijk worden dat wat genoemd wordt waar is> Ik blijk verkeerd ingelicht te zijn.