integendeel

Vertalingen

integendeel

dagegen, entgegengesetzt, gegenteils, hingegen, im Gegensatzonthecontrary, otherwise, on the contrarynaopakלהיפךTværtimodαντίθεταTvärtom (ɪnˈtexə(n)del)
bijwoord
precies het tegenovergestelde Hij is toch al weg? Integendeel, hij zit nog hard aan zijn huiswerk te werken.