instinct

Vertalingen

instinct

Instinkt, Naturtrieb, Triebinstinctinstinctинстинктغَرِيزَةٌinstinktinstinktένστικτοinstintovaistoinstinktistinto本能본능instinktinstynktinstintoinstinktสัญชาตญาณiçgüdübản năng本能инстинкт本能אינסטינקט (ɪnˈstiŋkt)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -en
1. aangeboren gevoel dat je iets wilt of moet doen vogels hebben het instinct om nesten te bouwen moederinstinct
2. eigenschap dat je iets goed aanvoelt een feilloos instinct voor de geest van de tijd hebben