immuun

Thesaurus

immuun:

onschendbaar
Vertalingen

immuun

immunimmuneimmunisé (contre), rebelleinmuneالمناعي免疫免疫imunitníimmune免疫면역immunภูมิคุ้มกัน (ɪˈmyn)
bijvoeglijk naamwoord
1. vatbaar als je een ziekte niet meer kunt krijgen Ik ben immuun voor mazelen.
2. als je ongevoelig bent (voor iets) immuun worden voor oorlogsbeelden doordat je ze iedere dag op televisie ziet