ijsberen

(doorverwezen van ijsbeerde)
Vertalingen

ijsberen

faire les cent pas (ˈɛizberə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd ijsbeerde , voltooid deelwoord heeft geijsbeerd
onrustig heen en weer lopen Hij liep te ijsberen toen hij op de uitslag van het onderzoek wachtte.