idioot

Vertalingen

idioot

(idiˈjot)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud idioten
1. <als scheldwoord voor iemand die iets heel doms of verkeerds doet> Idioot, door dat rijgedrag breng je ons leven in gevaar!
2. iemand die nauwelijks verstandelijke vermogens heeft Op deze afdeling wonen idioten en diep-gestoorden.

idioot

Idiot, Blödsinniger, Kretin, Stumpfsinniger, idiotischidiot, idiotic, moron, sap, simpleton, stupididiot, stupide, crétin, idiot/idiote, bête, bêtement, idiotement, imbécile, invraisemblable, cul, ballot, stupidementidiotaidiota, idiotico, stupidoأَبْلَهٌ, سَخِيفٌidiot, pitomýidiot, idiotiskβλακώδης, ηλίθιοςidiootti, idioottimainenidiot, idiotskiばか, ばかな바보, 어리석은idiot, idiotiskidiota, idiotycznyidiota, imbecilидиот, идиотскийidiot, idiotiskคนโง่, ที่โง่เขลาsalak, salakçangốc nghếch, thằng ngốc白痴, 白痴般的 (idiˈjot)
bijvoeglijk naamwoord
bespottelijk Wat een idioot gedrag om 's zomers in je winterkleren te lopen.