houder

Thesaurus

houder:

penhouder
Vertalingen

houder

Besteck, Eigentümer, Etui, Gehäuse, Inhaberholder, socket, cradlelegatura, presa di correntehaltija持有人титулярtitularκάτοχος홀더titular持有人 (ˈhɑudər)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -s
1. iemand die iets bezit de houders van certificaten aandeelhouder
2. voorwerp om iets in te doen een houder voor servetjes