hoogseizoen

Vertalingen

hoogseizoen

مَوْسِمٌ إِزْدِهَارhlavní sezónahøjsæsonHochsaisonπερίοδος αιχμήςhigh season, peak seasontemporada altahuippusesonkihaute saisonvrhunac sezonealta stagione最盛期성수기høysesongśrodek sezonualta temporada, estação altaразгар сезонаhögsäsongฤดูกาลที่มีธุรกิจมากpahalı sezonmùa đông khách旺季 (ˈhoxsɛizun)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -en
drukke periode in het jaar De kerstperiode is hoogseizoen voor de hotels en de prijzen zijn dan hoger.