hol


Zoekopdrachten gerelateerd aan hol: hola
Vertalingen

hol

(hɔl)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -en
1. gat of holle ruimte in de natuur In die berg is een hol waar een kluizenaar woont. konijnenhol
daar waar het gevaarlijk is
2. (van dieren) opeens hard en wild gaan rennen Het paard schrok van het lawaai en sloeg op hol.
3. (iemand) verliefd maken Met zijn charme bracht hij haar het hoofd op hol.

hol

hohl, Höhle, Grube, Höhlung, konkav, leer, Vertiefunghollow, concave, cave, cavern, cavity, den, empty, void, kipcreux, terrier, vide, caverne, concave, grotte, creux/-euse, repaire [gibier], tanière [carnivore], terrier [lapin], trou [souris], cave, nid, tanière, trou, vainvuotaggine, cavoأَجْوَفdutýhulκούφιοςhuecoonttošupalj空洞の속이 빈hulpustyocoполыйihåligเป็นโพรงoyuktrống rỗng空心的 (hɔl)
bijvoeglijk naamwoord
1. van binnen leeg een holle ruimte onder de weg een holle boom
klinken alsof iets uit een holle ruimte komt
2. bol naar binnen gebogen, met hogere randen dan het midden een holle lens In het bos loopt een holle weg met hoge randen van mos.
3. zonder inhoud of betekenis Hij belooft veel, maar het zijn allemaal holle frasen.