hof

Vertalingen

hof

(hɔf)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud hoven
1. paleis en huishouden van een vorst het hof van de Friese Nassaus hofdame
eervolle naam die een bedrijf van de koningin krijgt
2. belangrijke rechtbank het hof van justitie
hoogste rechtbank die een lagere rechtbank controleert
3. aardig en charmant tegen iemand doen om een relatie te krijgen

hof

Anlage, Garten, Hof, Hofraum, Hofstaatgarden, courtyard, court, yard, farmcour, jardingiardino, verziereSoud法院法院المحكمةδικαστήριοсудศาลTuomioistuin법원裁判所Съд (hɔf)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud hoven
tuin doolhof Die kwekerij heet 'de hof van Groningen'.
paradijs