helaas

Vertalingen

helaas

(heˈlas)
bijwoord
<dat zeg je als iets je spijt> Door de hevige sneeuwval moesten we helaas eerder naar huis.

helaas

leider, bedauerlichalas, regrettably, unfortunately, ohdear, that'stoobad, whatapitymalheureusement, hélas!, hélasinfelizmenteper disgrazia, purtroppo, sfortunatamenteلِسُوْءِ الـحَظّbohuželuheldigvisδυστυχώςpor desgraciavalitettavastinažalost運悪く유감스럽게도uheldigvisniefortunnieк сожалениюtyvärrอย่างเคราะห์ร้ายne yazık kiđáng tiếc不幸地 (heˈlas)
tussenwerpsel
<dit zeg je als je iets jammer vindt> Helaas! Ik heb je net gemist.