neerleggen

(doorverwezen van heeft neergelegd)
Thesaurus

neerleggen:

wegleggen
Vertalingen

neerleggen

legenlay, depose, abdicate, resigncoucher, étendre, allonger, déposerfarsi indietro (ˈnerlɛxə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd legde neer , voltooid deelwoord heeft neergelegd
leggen bloemen neerleggen bij een graf
geen aandacht geven aan iets een bevel naast je neerleggen
met je werk ophouden/stoppen