scharrelen

(doorverwezen van heeft gescharreld)
Vertalingen

scharrelen

den Hof machen, flirten, herumflattern, kratzen, liebeln, poussieren, ritzen, tändelncourt, fumble, scratch, woo, flirt, flit, flutterflirter, griffer, voltiger, conter fleurette, faire la cour, gratter, tripoterrascarcortile, pietanza (ˈsxɑrələ(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd scharrelde , voltooid deelwoord heeft gescharreld
op een ongestructureerde manier bezig zijn met van alles en nog wat rondscharrelen
(dingen die samen een geheel vormen) bij elkaar brengen een kampeeruitrusting bij elkaar scharrelen
oppervlakkig verkering hebben met iemand