dwalen

(doorverwezen van heeft gedwaald)
Vertalingen

dwalen

bummeln, herumschweifen, irren, sich irren, sich verirren, streifen, umherstreifen, vagieren, wandernerr, goastray, makeamistake, roam, strayoff, wander, strayerrer, vaguer, rôder, se tromper, errer (dans), vagabonderfallare (ˈdwalə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd dwaalde , voltooid deelwoord heeft gedwaald
rondlopen zonder doel door de bossen dwalen