handvat

Vertalingen

handvat

Gefäß, Griff, Handgriff, Handhabe, Heft, Henkel, Knauf, Stiel, Türklinke, Zangehandle, knob, tongspinces, main, manche, bras, poignéealçakahvauchwythåndtere (ˈhɑntfɑt)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -ten
deel van een voorwerp dat je vastpakt het handvat van een la