| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.780.271.539 Bezoekers. |
|
haken |
0,07 sec. |
|
haken ww haken (haakte enk ovt; heeft gehaakt volt deelw) [ˈhakə(n)]
(iets) maken met een grote naald en een draad een vest haken een pootje haken (iemand) laten struikelen blijven haken onbedoeld aan iets vast blijven zitten Ik ben aan die spijker blijven haken. Thesaurus haken: tekenhaken Vertalingen haken anhaken, anhängen, anklammern, häkeln, haken haken hitchon, hook, hookon haken aborder, accrocher, monter à l'abordage, sauter à l'abordage, accrocher (à), aspirer (à), désirer ardemment, faire (qc) au crochet, faire du crochet, s'accrocher (à), crochet Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|