| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.758.839.890 Bezoekers. |
|
haak |
0,01 sec. |
|
haak zn m haak (haken mv) [hak]
gebogen stuk metaal om iets aan op te hangen of vast te maken een schilderij aan een haak in de muur ophangen trekhaak op een haakje zetten (een openstaande deur of raam) vastzetten met een metalen stokje (iemand) aan de haak slaan een partner bemachtigen Daar zitten veel haken en ogen aan. dat is lastiger dan je zou denken niet in de haak zijn niet in orde zijn;= niet kloppen Dat hypotheekadvies is niet in de haak. Thesaurus haak: tekenhaak, ophanghaak Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|