gleuf

Thesaurus

gleuf:

sleufopening, kier,
Vertalingen

gleuf

Falzslot, slitcannelure, rainure, sillon, fente, ravine, rayure, coulisse, gorge, gouttièrefèndere (xløf)
zelfstandig naamwoord meervoud gleuven
lange en smalle holte of opening een gleuf in een houten plank Zo'n dikke envelop kan niet door de gleuf van de brievenbus.