glans

Thesaurus
Vertalingen

glans

Glanzsheen, gloss, polish, shineclarté, éclat, poli, luisant, lustre, splendeur, brillant, rayonnement, refletpołysk光泽광택光澤brilloгланц (xlɑns)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud
1. weerspiegeling van een glad en glimmend oppervlak de glans van goud
2. iets extra's waardoor iets mooier is De revolutie heeft zijn glans verloren.
met een mooi resultaat met glans slagen voor je examen