voortgaan

(doorverwezen van ging voort)
Vertalingen

voortgaan

fortfahren, fortführencontinue, goon, proceedwithcontinuer, maintenir, reconduire, progresser, marcher, s'avancercontinuarcontinuarتواصل继续fortsättapokračovat계속繼續 ('vortxan)
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd ging voort , voltooid deelwoord is voortgegaan
1. verder gaan, soms na een pauze Terug in Nederland ging hij voort met het schrijven van kritieken.
2. oordelen of handelen op basis van iets Je kunt niet altijd voortgaan op de aanbevelingen van de fabrikanten.